Schoolgids 2011-2012

Bezoekadres:

Master Roordawei 1

Postadres:

Warrewei 728406 AD Tijnje

Tel.:     0513 57 1620

e-mail:    info@cbsderank.nl

website : www.cbsderank.nl

 

 

 

Voorwoord

 

 

Geachte ouder(s), verzorger(s),

 

Voor u ligt de schoolgids van de christelijke basisschool "De Rank". Dit is een bewaarnummer en is geldig tot er een gids verschijnt met nieuwe en aanvullende informatie. U wordt dan ook vriendelijk verzocht deze gids goed te bewaren. Deze wordt per gezin één keer uitgereikt.

Deze gids is bedoeld om u op de hoogte te brengen hoe één en ander op onze school is georganiseerd, waar wij als school voor staan en hoe we dat willen realiseren.

U zult hierin zoveel mogelijk gegevens vinden, maar helemaal volledig kan deze gids niet zijn.

 

De informatie die specifiek voor een bepaald cursusjaar is vindt u in het jaaroverzicht. Het jaaroverzicht met alle data, adressen en dergelijke wordt jaarlijks aangepast.

Alles van te voren vastleggen is onmogelijk, daarom zult u, naast de nieuwsbrieven, zo nu en dan nog wel eens een briefje via uw kind(eren) krijgen.

Noteert u alvast die data, welke van belang zijn.

Naast deze schriftelijke informatie is er natuurlijk voor mondelinge informatie tijd en plaats beschikbaar. Mocht er van uw kant iets zijn waarover u met ons van gedachten zou willen wisselen, dan is daartoe zeker de gelegenheid.

 

Met vriendelijke groet,

namens het team,

 

J. Tanja

 

 

Inleiding

  • Wie zijn wij ?

De naam van onze school is De Rank.

Op het logo van de school staat de school temidden van een wijnrank afgebeeld. De rank kunnen we zien als

symbool voor het leven dat op den duur vrucht draagt. Met andere woorden: Met alle dingen die we in het leven (dus ook op school) leren, kunnen we later in de maatschappij onze plaats vinden.

 

Momenteel zijn er in de gemeente Opsterland tien christelijke basisscholen in een tiental dorpen. Hoewel de scholen geheel zelfstandig opereren met ieder een eigen bestuur, met eigen financiën en verantwoordelijkheden zijn er ook veel overeenkomsten. Dat komt o.a. mede door regelmatig overleg en veelvuldige samenwerking op zowel bestuurlijk als directie vlak. De Vereniging Christelijke Scholenbond Opsterland (VCSO) is het overlegorgaan van de in federatief verband samenwerkende christelijke scholen. De volgende uitgangspunten gelden zowel voor elke school afzonderlijk, als wel voor het totaal van de christelijke basisscholen in de gemeente:

Het wezen van de christelijke school ligt niet enkel en alleen in het feit dat er in die school een Bijbel is en dat men daarvan op de hoogte is, maar ook dat de leerlingen geleerd wordt de waarden en normen uit de Bijbel te begrijpen en er naar proberen te leven.

 

Dat betekent voor de leerling dat geprobeerd zal worden hem recht te doen in zijn of haar totale ontplooiing en ontwikkeling. Wij denken daarbij o.a. aan specifiek pedagogische begeleiding als er zich leer- of gedragsmoeilijkheden voordoen, maar ook aan onderwijs en vorming die niet enkel gericht dienen te zijn op de ontwikkeling van verstandelijke vermogens, maar er ook voor zorgt dat elke individuele leerling met al zijn gaven van zijn hoofd, hart en handen zich harmonieus ontwikkelt.

 

Dat betekent voor de leerkracht dat hij of zij zich op zijn/haar terrein persoonlijk door de Bijbel weet aangesproken. De leerkracht zal proberen dit te vertalen in de dagelijkse werkzaamheden en naar de vakgebieden waarvoor de school zorg draagt.

 

Dat betekent voor de school in haar geheel dat ieder lid van de schoolgemeenschap zorg draagt voor een goed schoolklimaat.

 

Het betekent ook dat we open staan voor anders denkende mensen, met andere woorden; ook die ouders, leerlingen van een andere signatuur zijn welkom op onze school.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Rank is een christelijke school

 

Op onze school worden de verhalen uit de Bijbel verteld. We doen dat omdat we ervan uit gaan dat die verhalen een boodschap hebben voor het leven van alle dag. Je komt daardoor in gesprek over zaken als;

vrede, rechtvaardigheid, eerbied voor het leven, zorg hebben voor de ander en verantwoordelijkheid.

 

We gebruiken bij de godsdienstige vorming de methode “kind op maandag”.

 

Elke week beginnen we gezamenlijk met de weekopening en wordt het weekthema geïntroduceerd. Tijdens de week wordt met liederen, vertellingen, gebeden, gesprekken e.d. bij het thema aangesloten. In de gezamenlijke weeksluiting wordt het weekthema afgesloten.

 

·        Wat heeft De Rank te bieden?

 

De Rank is een basisschool waar in principe alle kinderen van 4 tot 12 jaar naar toe kunnen.

Wij kunnen dit op De Rank realiseren omdat we:

Ø      Regelmatig de leerlingen toetsen op hun ontwikkeling (ons leerlingvolgsysteem).

Ø      Alle kleuters observeren waardoor materiaal gegeven kan worden dat past bij hun ontwikkeling (de functieontwikkeling en leerlijnen).

Ø      Alle kleuters screenen op:

Ordenen, ruimte en tijd (onderdelen van rekenen).

Taalgebied (om evt. taalproblemen als dyslexie vroegtijdig te onderkennen).

Ø      Een interne begeleider (IB-er) op school hebben die samen met de teamleden verantwoordelijk is voor de leerlingen die extra zorg (hulp) nodig hebben. De IB-er coördineert die hulp.

Ø      Een interne begeleider hebben die de onderwijskundige ontwikkelingen stimuleert en coördineert.

Ø      Een RT-er (remedial teacher) hebben die in sommige gevallen leerlingen individuele ondersteuning geeft.

Ø      Een ICT- coördinator hebben die het beleid rondom het gebruik van computers (van onderwijsprogramma’s tot werken met internet) aanstuurt en ondersteunt.

 

We streven er naar het leerprogramma zo veel mogelijk aan te passen aan de mogelijkheden van de individuele leerlingen. Dit uiteraard binnen de mogelijkheden van de “kleine school”.

Zaken die we belangrijk vinden zijn:


·        Democratisch omgaan met elkaar.

·        Openstaan voor de ander.

·        Respect hebben voor elkaar.

·        Ook al ben je anders, je hoort er bij.

·        Samenwerken.

·        Openheid naar de ouders.

·        Leren en profiteren van wat de ander kan / weet.

·        Verscheidenheid in werkvormen

 

 

In de manier van ons werken staat niet het kind centraal, maar de relatie kind –volwassene, d.w.z. dat zowel het kind als de volwassene met plezier in de school moet kunnen werken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Hoofdstuk 1:

Onderwijs op De Rank

 

 

1.1  Waar staan wij voor / wat is onze visie?

 

 

Vanuit een christelijke identiteit willen wij een leeromgeving bieden waarbinnen een ieder zich veilig kan ontwikkelen.

Die veiligheid uit zich in respect voor en openheid naar elkaar.

Het onderwijs wordt door voortdurende evaluatie afgestemd op kind, volwassene en hun leefomgeving.

 

 

1.2 Sfeer

 

Op onze school is iedereen belangrijk, kinderen, ouders, leerkrachten en niet onderwijzend personeel. We gaan uit van het motto: Iedereen hoort er bij.

De relatie tussen volwassenen en kinderen en ook kinderen onderling staat centraal. Als die relatie goed is, kunnen kinderen zo goed mogelijk tot hun recht komen.

Op onze school wisselen inspanning en ontspanning zich af. Soms moet je veel en mag je weinig, soms mag je veel en moet je weinig!

Onze school gaat uit van een onderwijskundig model, waarin kinderen in een goede sfeer en in verschillende organisatievormen zo veel mogelijk leren en spelen.

 

Op onze school gaan wij democratisch met kinderen om. Dat betekent dat we uitgaan van het groepsgevoel. Je bent belangrijk in de groep en dat geeft een goed zelfgevoel. Van daaruit kom je het beste tot presteren.

Democratisch betekent ook dat we allen in de groep gelijkwaardig zijn. Niet gelijk, we erkennen dat er verschillen zijn en hebben juist oog voor die verschillen, maar ieders inbreng heeft evenveel waarde.

 

 

1.3  De groep- & teamsamenstelling

 

 

Bij ons zijn de volgende groepindelingen:

groep 1 en 2                groep 3 en 4                            groep 5 en 6                            groep 7 en 8

 

Het aantal leerlingen is de laatste jaren per teldatum ongeveer 74 en is licht stijgend. De groepsgrootte is per combinatie daardoor gemiddeld minder dan 20 wat direct ten goede komt aan de individuele aandacht. Zie voor de groepsbezetting en de teamsamenstelling het jaaroverzicht.

 

                                                                      

 

1.4  De lesonderdelen

 

Kleuters leren al doende, tijdens hun spel. Wij spelen daarop in door te zorgen dat er veel materiaal is waarvan kleuters kunnen leren. We praten veel met kinderen over allerlei onderwerpen zodat ze veel woorden leren en goed leren spreken.

Dat is belangrijk als voorbereiding voor het latere lees- en taalonderwijs. Veel werkjes die de kleuters maken, vanuit het weekthema aangeboden, hebben op en of andere manier te maken met het later goed kunnen rekenen, lezen of schrijven.

Alle oudste kleuters worden geobserveerd om te kijken hoe ver hun intellectuele ontwikkeling is. Dit wordt ook in kaart gebracht, zodat de leerkracht vroegtijdig kan constateren wanneer een kind "achter" blijft. Ook worden alle leerlingen uit groep 2 door middel van een Cito-toets op gebied van taal en rekenen gescreend. Zo kunnen we “zien” wat we van dat kind mogen verwachten.

Heel specifiek en uitgebreid staat het werken met kleuters beschreven in het informatieboekje

voor groep 1/2. Dit boekje wordt door de leerkracht in groep 1/2 meegenomen op het huisbezoek voorafgaand aan de 1e schooldag. Een en ander wordt dan ook besproken of toegelicht.

 

Ø      Leren lezen:

 

In onze school beginnen de kinderen met leren lezen wanneer ze daaraan toe zijn. In de onderbouw (groep 1 en 2) wordt in het kader van “ontluikende geletterdheid” op taalgebied al veel aangeboden (bv. de letter van de week).

Het leren lezen via een methode gebeurt wanneer de leerlingen in groep 3 komen. Het gebeurt ook wel als in groep 2 een groepje leerlingen er aan toe is.

Vanaf groep 4 wordt er ook veel aandacht besteed aan het voortgezet technisch lezen en het begrijpend lezen. Het leren begrijpen wat er bedoeld wordt en de hoofd- en bijzaken kunnen onderscheiden.

Voor het aanvankelijk lezen gebruiken we de methode “ Veilig leren lezen”.

Voor het begrijpend lezen gebruiken we de methode “ Goed gelezen”.

Voor het voortgezet technisch lezen hebben we de methode “Estafette”.

 

Ø      Taal:

 

Hiervoor gebruiken we één van de taalmethoden, “Taal op maat”.

De naam zegt het al, een methode op maat gesneden voor de leerling. Leerkrachtig gebonden lessen en zelfstandige werklessen wisselen elkaar af. Er zijn taalkaarten waarop de leerlingen opdrachten vinden die wat meer inzicht en creativiteit verlangen.

Maar er zijn ook hulpbladen voor die leerling die een steuntje in de rug nodig heeft.

Ook op het onderdeel spelling heeft onze school gekozen voor “Taal op maat”. Een methode waarin wij de juiste aanpak zien voor leerlingen met uiteenlopende niveaus en interesses.

 

Ø      Rekenen:

 

Het rekenen bestond vroeger uit sommen maken, tafels leren, op- en aftelsommen, vermenigvuldiging, staartdelingen en breuken. Daar moest je maniertjes voor leren. Nu leren kinderen rekenen door het oplossen van praktische probleempjes. Kinderen leren ook tabellen en grafieken op te stellen met de gegevens die ze hebben verzameld. De methode die we op school hanteren is een realistische methode. Je komt er dingen in tegen die je ook in het dagelijkse leven tegen komt. Dat kan variëren van het berekenen van het aantal computers dat in een container gepakt moet worden tot het bepalen van de tijd die nodig is als je een bepaalde route wilt fietsen. We gebruiken de methode “Pluspunt” en “Alles Telt”.

 

Ø      Wereldoriënterende vakken:

 

We zorgen ervoor dat kinderen Nederland, Europa en de werelddelen leren kennen en hoe mensen er leven. De leerlingen leren over de geschiedenis van ons land en over de natuur. In de groepen 1 t/m 4 worden aardrijkskunde, geschiedenis en natuur niet afzonderlijk gegeven. Er worden in die groepen onderwerpen behandeld die voor jonge kinderen interessant zijn en aan de hand waarvan kennis en inzicht kan worden aangebracht op het gebied van wereldoriënterende vakken. In de bovenbouw worden aardrijkskunde, geschiedenis en natuur apart aangeboden. We gebruiken hiervoor de methoden: “Wijzer door de wereld”, “Wijzer door de tijd, “Wijzer door de natuur”.

 

Ø      Burgerschap:

 

Vanuit de christelijke identiteit van de school hoeft dit onderwerp in feite niet apart te worden genoemd, omdat er vanuit het Bijbelse gedachtegoed veel voorbeelden gegeven worden om sociale cohesie en burgerschap in praktijk te brengen. Daarnaast is het wel een taak van de school de leerlingen voor te bereiden op een goede integratie binnen de maatschappij waarvan zij de volwassenen van de toekomst zijn. Zij zullen handvatten moeten krijgen een bijdrage te leveren aan de samenleving van de toekomst en deze bijdrage te geven vanuit de eigen identiteit maar wel met respect voor identiteit en keuzes van de medemens. Vanuit bovengenoemde gedachten willen wij samen met alle instanties die voor ons en de kwaliteit van ons onderwijs van belang zijn, werken aan de ontwikkeling van de kinderen. Samen zullen wij de waarden als aandacht, vertrouwen, afhankelijkheid, verantwoordelijkheid en medemenselijkheid mede implementeren binnen de ontwikkeling van de kinderen. Dit betekent dat we hen vertrouwd moeten maken met anders denkenden; hen leren om eigen beslissingen te nemen en daarbij rekening te houden met de anderen om hen heen en hen leren verantwoordelijkheid te dragen. Wij willen de kinderen binnen onze school dan ook laten opgroeien met het verantwoordelijkheidsbesef voor de naaste. Burgerschap en sociale cohesie zijn met andere woorden geen aparte vakgebieden maar zijn verweven in de manier waarop wij zelf vanuit onze christelijke identiteit in het leven staan. Leidraad daarvoor is de Bijbel en op school de methode “Kind op maandag”.

Doordat de samenleving steeds meer individualistisch is geworden trekt die toenemende zelfstandigheid en het gaan voor eigen ontwikkeling wel een zware wissel op de sociale cohesie. De sociale binding kan hierdoor afnemen of verstoord raken. Hoewel dat op onze school nog niet zo merkbaar is, is het belangrijk aandacht te geven aan een goede balans tussen individualiteit en het leren en leven binnen een sociaal veilige omgeving.

Wij werken op school dan ook met SOEMO, een methode ter bevordering van de sociaal emotionele ontwikkeling. Ook wordt de sociaal emotionele ontwikkeling met het Cito programma VISEON getoetst. Leerlijnen voor burgerschap zijn beschreven in het handboek “burgerschap en sociale cohesie”.

 

 

Ø      Bewegingsonderwijs:

 

In de onderbouw wordt dagelijks bewegingsonderwijs (binnen of buiten) gegeven. In de midden- en bovenbouw bestaat het bewegingsonderwijs uit gymnastiek, sport en spel en zwemmen. Het bewegingsonderwijs wordt gegeven door de eigen leerkracht. Elke week zijn er twee lessen beweging. Wij gebruiken de methode: “Basislessen bewegingsonderwijs”.

 

Groep 1/2 heeft iedere dag beweging (in het eigen lokaal of buiten).

Het is noodzakelijk dat de leerlingen gymschoenen en sportkleding bij zich hebben. Bij de jongste groepen (1/2) graag schoentjes zonder veters, i.v.m. het tijdrovende "veteren ".

 

NB: De gymspullen van groep 3 t/m 8 kunnen niet op school blijven hangen.

We doen dit, omdat het aantal leerlingen in de midden- en bovenbouw van dien aard is dat er te weinig kledinghaken beschikbaar zijn om ook gymtassen te plaatsen. Een en ander is ook vanwege het voorkomen van hoofdluis (preventiemaatregel).

 

Dus; gymtassen na de gymles meenemen naar huis. En daarbij het verzoek om stevige tassen te gebruiken.

 

 

 

Ø      Onderwijs in de eerste taal:

 

Naast het Nederlands krijgen de kinderen één keer per week les in de Friese taal, waarbij de nadruk ligt op het spreken en begrijpen. We gebruiken veel materiaal van omroep Fryslân. 

In de groepen 1 en 2 wordt door de leerkracht óf Fries óf Nederlands gesproken (een kind leert namelijk het snelst een taal wanneer tijd, plaats en persoon gekoppeld is aan de taal). Daarom zal juf Tiny altijd Fries spreken en juf Dora altijd Nederlands.

In de groepen 3 en 4 wordt ook in de lessen Fries de nadruk gelegd op het (leren) spreken en het kunnen verstaan.

In de groepen 5 t/m 8 wordt het verstaan en het spreken uitgebreid met het lezen. In groep 7 en 8 is er tevens de mogelijkheid het schrijven aan te leren. Dit doen we met de methode “Studio F”.

 

Ø      De computer en andere vakgebieden:

 

Er is het afgelopen jaren hard gewerkt om een goed computerbestand op te bouwen. Daarnaast is het beleid rondom het gebruik van computers uitgewerkt. Ook is een aantal collega’s in het bezit van het DRO (Digitaal Rijbewijs Onderwijs), zodat er voldoende computerkennis bij de leerkrachten aanwezig is.
In alle groepen van De Rank werken de kinderen regelmatig met computers.
In de klas werken de kinderen van de groepen 1 en 2 in de computerhoek vooral met multimediaprogramma’s voor wereldverkenning en taalverrijking(Ambrasoft woordenstart).
In de groepen 3 t/m 8 wordt de computer in de klas vooral ingezet als onderdeel van het reken- en taalonderwijs, (met de programma’s; Ambrasoft, Hoofdwerk, Maatwerk etc.) en bij wereldoriëntatie.
Verder nemen de digilessen (computerlessen) ook een belangrijke plaats in. Deze lessen worden met behulp van ouders één keer per week gegeven. In de groepen 1 t/m 4 leren we de kinderen omgaan met de computer en met de programma’s die in de klas worden gebruikt. De computerlessen in de groepen 5 t/m 8 vinden plaats tijdens het zelfstandig werken. Er wordt gewerkt met het programma Basisbits, een leerstofpakket dat leerlingen wegwijs maakt op het gebied van ICT. Zo leren ze; theorie van de computer, Word, Exel, Paint en maken ze kennis met internet. De kinderen werken op eigen niveau en tempo, daardoor kan het voorkomen dat er in groep 8 sommige kinderen nog met Basisbits bezig zijn, terwijl anderen bezig zijn met werkstukken maken op de computer en PowerPoint.

Wij vinden het belangrijk dat kinderen op de basisschool al goed leren omgaan met de computer, omdat kennis van en over de computer in de toekomst steeds meer wordt verwacht.

De planning voor deze cursus heeft o.a. de volgende onderdelen:

§         Groep 1 en 2 gaan werken met thema 5 van Woordenstart

§         Groep 3 gaat werken met; Veilig leren lezen, Hoofdwerk en Ambrasoft

§         Groep 4 werkt met de programma’s die nodig zijn tijdens de lessen

§         Groep 5 begint met Basisbits 3.0

§         Groep 6 is al met Basisbits bezig, en gaat daar mee verder

§         Groep 7 is al met Basisbits bezig, en gaat daar mee verder

§         In groep 8 hebben de meeste kinderen Basisbits afgerond met een examen, zij gaan verder met werkstukken maken op de computer en PowerPoint.

Projecten, zoals ‘veilig omgaan met de computer en internet’, worden in samenwerking met leerkracht en ICT-er gedaan.

 

In de groepen 3 t/m 8 zijn nu allemaal digitale schoolborden geplaatst.

 

§         Voor de ICT-er;

- de website actueel houden en collega’s te stimuleren om de site van hun groep regelmatig van    

   nieuwe info te voorzien
- het beleidsplan ‘up-to-date’ houden
- vervangen van een aantal computers
- aandacht schenken aan de ‘houding achter de computer’,  o.a. door in groep 1/ 2 te werken met  

   het programma Muisje Max.

 

 

Ø      Kunsteducatie:

 

Hoewel vanuit de maatschappij en inspectie meer en meer druk wordt uitgeoefend om meer tijd aan lezen, taal en rekenen te besteden willen we de creatieve vakken niet uit het oog verliezen. Alle kinderen krijgen les in dramatische-, beeldende-, dansante- en muzikale vorming. Maar hier valt ook theaterbezoek onder.

Kunsteducatie op school vinden wij belangrijk omdat het “verbeelden” ieder mens verrijkt.

Je hebt een idee en daarover wil je tekenen, vertellen, dansen, spelen, zingen, schrijven enz.

Je wilt er uiting aan geven. Die uitingen noemen we kwaliteiten. Ook bij deze vakken vragen we veel inzet, leerlingen moeten met elkaar werken, ze moeten geduld hebben, ze geven positieve waardering aan anderen. Dit gaat samen met veel werkplezier.

Naast het werken in de klas maken kinderen kennis met een voorstelling in een theater, een tentoonstelling in het museum, of er komt een schrijver op school. Namens alle basisscholen is er een werkgroep die voor het aanbod zorgt.

 

Lokaalgroep 1,2 gaat één keer in de twee jaar naar een voorstelling (muziek, dans of theater).

Lokaalgroep 3,4 en 7,8 gaan jaarlijks naar een voorstelling (muziek, dans of theater). 

Lokaalgroep 5,6 en lokaalgroep 7,8 gaan eens per twee jaar naar een tentoonstelling. Lokaalgroep 5,6 ontvangt één keer in de twee jaar een schrijver op school.

 

Instrumentale muzikale vorming:

Vanuit Atelier Majeur komen muziekdocenten in groep 5 en 6. Zij geven tijdens de schooluren muziekles op verschillende instrumenten. Elke periode van oefenen op een instrument wordt afgesloten met een open les (voor ouders).

 

 

Scholenfanfare:

Sinds 2010 hebben we weer een scholenfanfare. Met nadruk op scholen, want het is een gezamenlijke fanfare van de beide scholen (De Rank en De Pols). Het oefenen gebeurt op vrijdagmiddag. De leerlingen uit groep 6, 7 en 8 die hieraan mee willen doen en een instrument kunnen bespelen, kunnen zich in de maand na de zomervakantie opgeven.

 

 

1.5  Speciale voorzieningen in het schoolgebouw

 

Veel ruimten worden voor meerdere doeleinden gebruikt. De middenruimte wordt gebruikt voor de verschillende werkvormen. Ook het documentatiecentrum staat in de middenruimte. Kinderen kunnen hier (via de computer) documentatie vinden voor spreekbeurten of werkstukken. De Bibliotheek ( in de vorm van een verrijdbare kast die twee keer per jaar wordt “ververst”door de bibliotheekcentrale) staat hier.

Naast drie groepslokalen voor de groepen 3 t/m 8 is er een speel/werklokaal voor de onderbouwgroepen 1 en 2. Ook heeft de school een aparte ruimte voor de orthotheek.

In de orthotheek staat veel materiaal, oefenstof en toetsen, gericht op het werken met leerlingen die leer -, motorische -, of gedragsproblemen kennen.

Er is in toenemende mate behoefte aan kleinere ruimten voor het werken in kleine groepen of die dienst kunnen doen als werkruimte voor leerkrachten. Daarom heeft de school sinds juni 2010 na een verbouwing (uitbreiding) de beschikking over een nieuw lokaal dat dienst kan doen als lesruimte of als techniekruimte. Ook zijn er werkruimten gemaakt voor administratie, interne begeleiding e.d.

In alle ruimten van de school waar ook les gegeven wordt staan computers.

Voor lichamelijke oefening (gymnastiek), gaan de leerlingen naar het naburige gymlokaal of naar het sportveld, dat naast de school ligt. Zwemmen wordt in de maanden juni en juli gedaan in het zwembad "De Wispel" (groep 7,8).

 

1.6   Pesten en No Blame

 

No Blame is een methode om pestgedrag aan te pakken op een niet gebruikelijke manier. Hierbij hoort een andere manier van omgaan met pestgedrag. Er wordt (zo zegt de naam al) niet gestraft. Er worden gesprekken door een vertrouwenspersoon gevoerd met het slachtoffer en een groep leerlingen waarin de pester zit. Deze groep leerlingen wordt gevraagd het slachtoffer te helpen. Dat kan met hele simpele zaken. Maar de intentie is dat iedereen iets positiefs inbrengt richting het slachtoffer. De pester wordt niet als pester aangemerkt (hoewel de vertrouwenspersoon dat wel weet uiteraard) en krijgt zo de kans om iets ten goede te keren.

 

In een vervolggesprek wordt op de “beloften” ingegaan. Het doen van zo’n belofte om het slachtoffer te helpen is dus niet vrijblijvend. Wij hebben als team deze cursus gevolgd en zijn erg enthousiast. In een van onze laatste vergaderingen bleek dat er behoefte was aan de “boodschap” dat we het pesten alleen op deze manier willen aanpakken. Het aanvragen van het certificaat helpt om je aan die “spelregels” te houden. Inmiddels hebben we het certificaat binnen en mogen we ons “No Blame” school noemen. Zo hopen we het pesten op een positieve manier te bestrijden. Onderzoek heeft uitgewezen dat in 90% van de gevallen dit ook echt het geval is.

 

 

1.7  Buitenschoolse activiteiten

 

Naast de verschillende excursies en theaterbezoeken, de feestelijke laatste schoolweek, de schoolreizen of het schoolkamp en het verkeersexamen, kan de school meedoen aan sporttoernooien en het jaarlijkse schoolorkest manifestatie. Wij vragen hierbij ook uw hulp als ouder/verzorger. Hulp in de vorm van vervoer en begeleiding. Soms zijn activiteiten onder en soms na schooltijd.

Eens per twee jaar is er een feestelijke ouderavond. Altijd in een even jaar.

Ø      Schoolreizen:

 

Elk jaar gaan alle groepen op schoolreis.

De groepen 1/2 en 3/4 gaan elk jaar met een ééndaagse reis.

Voor de groepen 5/6 en 7/8 is het als volgt geregeld :

In de oneven jaren:    Groep 5/6 gaat met een ééndaagse schoolreis (dat kan eventueel in

combinatie met groep 3/4).

Groep 7/8 gaat op kamp, drie dagen en twee nachten.

In de even jaren:        Groepen 5 t/m 8 hebben een kamp van één nacht en één dag gezamenlijk.

                                   Groep 7/8 heeft aansluitend nog een extra nacht en een extra dag kamp.

Groep 7/8 vertrekt ’s morgens op de fiets naar de kampeerboerderij. Groep 5/6 komt daar aan het eind van de middag ook. De avond en volgende dag is er gezamenlijk kamp. Groep 5/6 vertrekt aan het eind van

dag twee ‘s middags naar huis en groep 7/8 blijft nog een nacht en een dag.

 

 

Hoofdstuk 2

 

 

 

De zorgstructuur op De Rank

 

 

2.1 Hoe wordt een leerling toegelaten?

 

 

In principe zijn wij bereid om alle kinderen toe te laten, waarvan de ouder(s), verzorger(s) vertrouwen stellen in onze school.

 

We zijn een reguliere basisschool met extra mogelijkheden om kinderen, die extra zorg nodig hebben of meer kunnen, adequaat onderwijs te geven.

Uiteraard zijn hier ook grenzen aan. Een maximale ontwikkeling voor het kind zelf moet mogelijk zijn. Maar dit moet vallen binnen de draagkracht van de school.

 

Bij aanmelding van een kind willen we graag zorgvuldig bekijken of het kind op onze school zich goed zal kunnen ontwikkelen. We streven ernaar om zoveel mogelijk gebruik te maken van allerlei voorzieningen.

 

Voor elke nieuwe leerling is daarom een intakegesprek noodzakelijk. Ook voor de leerling van wie al broers of zussen op school zitten.

Naar aanleiding van het intakegesprek kan het nodig zijn dat gegevens moeten worden verzameld en eventueel aanvullend onderzoek moet worden gedaan. Hiervoor nemen we maximaal drie maanden de tijd.

Dit alles gebeurt in overleg met het Zorgbreedtecentrum WSNS.

 

In het laatste geval kan het betekenen dat uw kind nog niet definitief wordt ingeschreven op onze school, maar tijdelijk (tot dat duidelijk is wat de beste schoolkeuze is). Wel kan het kind in die drie maanden het onderwijs volgen op onze school.

 

Uw kind wordt 4 jaar. En dan? Wanneer uw kind 3 jaar en 6 maanden is wordt er vanuit de gemeente bericht gedaan dat uw kind opgegeven moet worden op een basisschool. Voor elk kind dat u op De Rank geplaatst wilt zien dient u contact op te nemen met de schoolleiding. Er wordt dan een afspraak gemaakt voor een bezoek aan de school (wanneer het een eerste aanmelding is).

Enige tijd voordat een kind 4 jaar wordt mag het een paar keer op een ochtend een kennis- makingsbezoek aan de school brengen, evt. samen met vader/moeder. De leerkracht van groep 1/2 heeft dan al een huisbezoek afgelegd om een en ander over de school te vertellen en het kind heeft zijn of haar juf dan al een keer gezien. Wanneer een kind de leeftijd van vier jaar heeft bereikt kan het tot de school worden toegelaten.

Een inschrijfformulier (dat bij het kennismakingsbezoek is meegebracht), wordt door de ouder(s)/ verzorger(s) ingevuld en op school afgegeven. Wanneer een kind in de maand september vier jaar wordt mag het na de zomervakantie al op school komen. In de vier weken voorafgaande aan de zomervakantie en in de maand december worden er geen leerlingen geplaatst. Ook zijn er dan geen kennismakingsochtenden.

 

2.2 Welke zorg voor leerlingen (met speciale behoeften) wordt er geleverd?

 

Als we naar de kinderen op De Rank kijken, zien we een grote verscheidenheid. Alle kinderen zijn verschillend. Elk kind is uniek.

Elk kind willen we de juiste zorg geven, zodat het kind zich optimaal kan ontwikkelen en tot zijn recht kan komen. Het landelijke beeld, dat het aantal kinderen met leer- of gedragsproblemen toeneemt geldt ook voor onze gemeente. Deskundigheid om dit op te vangen is dan ook nodig. Hieronder ziet u hoe de zorg voor kinderen op onze school is georganiseerd.

 

Het werkmodel zorgstructuur van CBS De Rank.

We beschrijven verderop de taken van de groepsleerkrachten, intern begeleider en remedial teacher.

 

Zorgverbreding is op onze school belangrijk. Dit geldt in het bijzonder voor taal - en leesonderwijs, spelling en rekenen.

De rol van de groepsleerkracht staat hierbij centraal. Deze wordt ondersteund door het team, de RT-er en de IB-er.

 

We kennen 5 zorgvarianten die in meer of mindere mate met elkaar verbonden zijn:

 

 

Zorgniveau 0:               Leerlingen die op meerdere onderdelen van CITO op A en A+                                                          scoren. Deze leerlingen volgen de methode en krijgen extra werk vanuit                                              de plusgroep.

 

Zorgniveau 1:               Leerlingen die de methode volgen en naar behoefte pluswerk in beperkte                                            mate maken of op één terrein. CITO scores op A, B, C.

 

Zorgniveau 2:               Leerlingen die met kleine aanpassingen binnen de methode kunnen                                          blijven werken. Voor één of meerdere onderdelen wordt verlengde                                       instructie gegeven (staat beschreven in het groepsplan) CITO scores                                      C- en D+. DLE achterstand tot -6mnd.

 

Zorgniveau 3:               Leerlingen met een achterstand van > 6 maanden tot 12 maanden t.o.v. het niveau van de groep. Leerlingen krijgen aangepaste leerstof en/of extra oefenstof naast verlengde instructie voor één of meerdere onderdelen (staat beschreven in het groepsplan).

                                    Op basis van handelingsverlegenheid kan de leerkracht een beroep doen op de IB-er / RT-er. De leerling wordt middels formulier LB in de leerling-bespreking ingebracht. Op basis van de uitkomsten van de leerlingbespreking wordt het handelingsplan door de RT-er of de groepsleerkracht gemaakt. Dit is afhankelijk van waar de remediëring plaats vindt (binnen of buiten de klas). De remediëring is in handen van RT-er en/of de groepsleerkracht. Alles in overleg met IB-er. Deze legt ook de contacten met WSNS.

                                    CITO D- en E scores. DLE > 6mnd tot 12 mnd.

 

 

Zorgniveau 4:               Op basis van handelingsverlegenheid door de groepsleerkracht/ RT-er en een achterstand van ≥ 12 maanden wordt het kind aangemeld bij het zorgteam van WSNS door de IB-er in samenspraak met de RT-er en groepsleerkracht voor een psychologisch onderzoek.

                                    Blijkt hieruit dat de leerling een TIQ van < 85 en/of bijkomende problematiek heeft, dan maakt de IB-er samen met de groepsleerkracht een afbuigende leerlijn, de groepsleerkracht voert dit uit (afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek en het advies van WSNS).

                                    Tussendoelen gebaseerd op de afbuigende leerlijn worden door de groepsleerkracht genoteerd.

 

 

 

 

 

Signa-    leren

groeps-

plan

evalueren  toetsen

groeps-

plan

uitvoeren

groeps-

plan

maken

groeps- overzicht

maken

We onderscheiden 4 fases:

·        Signaleren / opsporen

             (toetsen)

·        Diagnosticeren / nader onderzoek

             (Groepsoverzicht en groepsplan maken)

·        Remediëring / speciale begeleiding

            (groepsplan uitvoeren)

·        Evaluatie van effecten van de begeleiding

             (groepsplan evalueren)

 

 

 

 

 

 

Het plaatsen van leerlingen binnen de zorgniveaus:

 

 

 

Zorgniveau 0

Zorgniveau

 1

Zorgniveau

2

Zorgniveau

3

Zorgniveau

 4

DLE scores

 + en -

 

DLE tot – 5 mnd

DLE - 6mnd

DLE > 6 mnd - 12 mnd

DLE > 12 mnd

Cito scores

A en A+

A en B en C

C- en D+

D- en E

E-

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2.3 Taakverdeling

 

De taakverdeling van directeur, remedial teacher, intern begeleider en groepsleerkracht ten aan zien van:

1.      Monitorgegevens (methode gebonden toetsen, Pluspunt, Alles Telt, Taal Op Maat, Spelling, Goed gelezen, Viseon).

2.      Methode ongebonden toetsen ( Cito LOVS).

3.      Cito eindtoets.

4.      LGF.

5.      Zorgleerlingen

6.      Onderzoeken aanvragen.

7.      Contacten met begeleiding WSNS.

8.      Vergaderingen leiden.

9.      Overleg RT-er, IB-er en directeur.

10.  Toetskalender. 

 

1.         Analyseren en diagnosticeren monitorgegevens:

·        Individueel en groepsniveau        : groepsleerkracht en IB-er

 

De groepsleerkracht maakt in november en april n.a.v. de monitorgegevens een groepsoverzicht + groepsplan. Deze worden besproken tijdens de groepsbespreking met de IB-er.

            De IB-er is verantwoordelijk voor de informatieverstrekking richting de directeur.

 

 

2.         Analyseren en diagnosticeren Cito LOVS:

·        Individueel en groepsniveau        : groepsleerkracht en IB-er

·        Schoolniveau                              : IB-er

 

De groepsleerkracht maakt in januari en juni een groepsoverzicht + groepsplan.

            Het groepsplan van juni wordt in augustus/september gemaakt.

 

 

3.         Cito eindtoets:

            Wordt afgenomen op de vastgestelde data door de directie. Deze verzorgt het contact met

            Cito.

 

 

4.         LGF:

Leerlingen met LGF krijgen naast het werk in de groep ook individuele begeleiding. Deze wordt door de leerkracht verzorgd, die vanuit dit budget is aangesteld. Handelingsplan wordt opgesteld in overleg met de ouders.

 

 

 

5.         Als na analyseren, diagnosticeren en extra hulp in de klas blijkt dat het probleem nog niet

            opgelost is worden de leerlingen geholpen door de RT-er buiten de klas.

            De RT-er schrijft (in overleg met de IB-er) de handelingsplannen voor deze leerlingen

           (dit geldt voor leerlingen uit zorgniveau 3 en 4).

 

 

6.         Onderzoeken:

Psychologisch – didactische onderzoeken en dyslexie onderzoeken worden aangevraagd door de IB-er.

De IB-er voert de gesprekken rond de onderzoeksuitslagen met de ouders, de psycholoog en de groepsleerkrachten.

 

 

7.         Contacten met de begeleiding WSNS:

            De IB-er heeft regelmatig (op aanvraag) overleg met de coördinator van WSNS.

De IB-er heeft overleg over leerlingen en algemene zaken met de coördinator van het WSNS.

            Vergaderingen van WSNS worden bezocht door de IB-er.

 

 

8.         Vergaderingen leiden:

            De RT-er heeft de leiding bij de leerling-bespreking over de leerlingen die buiten de    groep remediëren.

            De IB-er heeft de leiding bij de groepsbespreking van groep 1 t/m 8 n.a.v. de             groepsoverzichten.

           

 

9.         Overleg RT-er, IB-er en directeur:

            Er is periodiek overleg tussen RT-er en IB-er over de vorderingen van de       leerlingen          die buiten de groep remediëren. Hiervoor wordt aan het begin van het schooljaar door de IB-er een planning gemaakt.   

Er is maandelijks overleg tussen de IB-er en de directeur. Hiervoor wordt aan het begin van het schooljaar door de directeur een planning gemaakt.

 

 

10.       Toetskalender:

            De toetskalender wordt door de IB-er en directeur gemaakt. 

 

 

 

Ø      Interne begeleiding

 

Het basisonderwijs in Opsterland kent m.i.v. augustus 2007 de taak van intern begeleider binnen de scholen en hanteert wat betreft de taakomschrijving voor deze personen de eerste 4 niveaus van interne begeleiding (niveau 5 staat hier slechts ter kennisgeving vermeld):

 

h2

1.      De IB -er als RT-er: De interne begeleider werkt voornamelijk als remedial teacher met

      daarnaast enkele IB -taken (tot voor kort de praktijk op veel basisscholen in Opsterland).

2.      De IB -er als instrumentalist: De interne begeleider is verantwoordelijk voor het

      leerlingvolgsysteem en de orthotheek. Ook draagt hij/zij de zorg voor het (laten) opstellen

      van handelingsplannen en het plannen van de toetsen.

3.      De IB -er als collegiaal consulent: De interne begeleider is consulent voor leerkrachten met hulpvragen over kinderen.

4.      De IB -er als coach: De interne begeleider coacht de leerkrachten bij het ontwikkelen van vaardigheden op het gebied van klassenmanagement en pedagogisch- & didactisch handelen. Ook legt hij/zij klassenbezoeken af en voert hij/zij feedbackgesprekken.

Met de coachende rol van de interne begeleider wordt hier bedoeld; adviseren, ondersteunen en begeleiden t.a.v. de zorg(leerlingen); de IB -er heeft geen corrigerende eindverantwoording.

 

5.      De IB -er als kenniscoördinator: De interne begeleider is de onderwijskundige leider van de

school en verantwoordelijk voor de in de functieomschrijving genoemde onderdelen.

 

Op De Rank geldt dat de niveaus 2 t/m 4 in mengvorm voor de interne begeleider opgaan. Naast de IB -er is voor zorgniveau 3 en 4 van de zorgstructuur ook een RT -er beschikbaar.

 

 

Ø      De plusgroep voor (hoog)begaafden

 

Vanaf augustus 2008 beschikt onze school over een plusgroep. Een heterogene groep voor leerlingen vanaf groep 5. Soms zitten in een groep leerlingen die (bijna) alles beheersen. Ze zijn snel klaar met hun opdrachten en zoeken nieuwe uitdagingen. Niet “meer van hetzelfde”, maar een uitdaging waarbij hun creatieve denkvermogen gestimuleerd wordt.

Via toetsing en signalering kunnen leerlingen in aanmerking komen voor plaatsing in de plusgroep.

Eén dagdeel in de week komt de plusgroep bij elkaar. In de groepen 1 t/m 4 komen de

(hoog)begaafde kinderen wel aan hun trekken door versnelling van de leerstof (het doorlopen van de groepen 1 t/m 4 in bijvoorbeeld 3 jaar).

Visie en stappenplan inzake (hoog)begaafdheid, waarbij we uitgaan van meervoudige intelligentie, kunt u op school aanvragen. Er wordt op het Bornego College ook de mogelijkheid geboden om meer begaafde leerlingen in een zogenaamde 8+ klas te plaatsen (1 keer per week, 1 middag). Hieraan zijn wel kosten verbonden die voor rekening van de ouders komen (intakekosten ook).

 

 

2.4 Overgaan of zittenblijven?

 

Hoewel we op De Rank niet denken in termen van zittenblijven, kan het in sommige gevallen voorkomen dat een leerling de onderbouwperiode verlengd doorloopt. Incidenteel komt dit ook voor in de middenbouw. Hoe de procedure daarvoor verloopt is te lezen in het protocol “overgaan of zittenblijven”. Dit is op school ter inzage.

 

 

 

2.5 Overgang van groep 1 naar 2 en van 2 naar 3.

 

In het kort komt het erop neer dat leerlingen die in de maanden oktober t/m december (zgn. “najaarskinderen”) op school komen in groep 1 geplaatst worden.

In januari worden alle leerlingen van groep 1 getoetst op de onderdelen (Cito) “ordenen”, “taal voor kleuters” en “ruimte en tijd”. Daarnaast wordt het “beslissingsformulier” ingevuld.

Om naar groep 2 te kunnen moeten de Cito toetsen minimaal A of B scoren en het beslissingsformulier moet minimaal 53 punten scoren.

Eind juni wordt de beslissing met betrekking tot de doorstroming naar groep 2 genomen. Voldoet een leerling niet aan de doorstromingscriteria en heeft de leerkracht wel het vermoeden dat dit wenselijk is, dan kan deze leerling na de zomervakantie in groep 2 geplaatst worden. Het is echter niet een garantie dat de leerling automatisch doorstroomt naar groep 3. Die beslissing wordt genomen naar aanleiding van de toetsen aan het einde van groep 2 en het beslissingsformulier waarbij minimaal 55 punten gescoord moeten worden. Tevens moet het kind sociaal-emotioneel deze versnelde doorstroming aankunnen. (Het volledige protocol ligt op school ter inzage).

 

 

2.6 Hoe is de overgang naar het voortgezet onderwijs geregeld?

 

De voorlichting aan ouders ten behoeve van de schoolkeuze van leerlingen;

Na acht jaar basisonderwijs gaan de leerlingen naar het voortgezet onderwijs. In ons geval betekent dat, dat alle kinderen naar een andere plaats moeten. Meestal is dat Heerenveen, Gorredijk of Drachten.

Ouders en leerlingen krijgen in het najaar de brochures van het ministerie via school uitgereikt. Er is één uitzondering; de onderwijsgids voor het voortgezet onderwijs kan alleen nog maar gedownload worden. ( www.minocw.nl/onderwijs/vogids/ )

In oktober of november is er voor de ouders van de leerlingen van groep 8 een voorlichting vanuit het voortgezet onderwijs.

In januari en februari kunnen ouders en leerlingen de verschillende open dagen van de scholen voor voortgezet onderwijs bezoeken.

 

Ook wordt er in januari door de hele groep schoolverlaters een zgn. "doemiddag" bijgewoond, om te ervaren wat het voortgezet onderwijs is. Bovendien volgen zij aan het einde van de cursus een “meeloopdag” in hun toekomstige klas (afhankelijk van de school voor voortgezet onderwijs).

Om aan de grote hoeveelheid huiswerk op het voortgezet onderwijs te wennen, wordt er in groep 7 en 8 huiswerk opgegeven.

 

In schema ziet het er als volgt uit:

 

najaar

uitreiken brochures

(onderwijsgids kan alleen gedownload worden via www.minocw.nl)

 

februari

toetsen en afname van de eindtoets / CITO toets

okt/nov

voorlichtingsavond v.o.

 

maart

schoolkeuze gesprekken en definitieve keuze

jan/feb

bezoeken open dagen v.o.

 

april

opgavenformulieren versturen

jan/feb

doemiddag om te ervaren wat het v.o. is

 

juni

een dag voortgezet onderwijs in je toekomstige klas

vragenlijst naar de ouders m.b.t. de voorlichting en begeleiding vanuit school richting het v.o.

januari

bij rapportbespreking komt ook de schoolkeuze aan de orde

 

juni

 

Soort gegevens die over leerlingen worden verzameld, de wijze van adviseren en de procedure die gevolgd wordt

 

In de klassenmap wordt een aantal relevante zaken bewaard die bij de advisering richting voortgezet onderwijs van belang kan zijn. Te denken valt aan:

q       De resultaten van de verschillende reken- en taaltoetsen.

q       Observatie van werkhouding en inzet.

q       CITO leerlingvolgsysteem.

q       CITO eindtoets.

 

In de maand maart wordt door de groepsleerkracht van groep 8 door middel van een huisbezoek, waar ook de betreffende leerling bij is, samen met de ouders een definitieve schoolkeuze gemaakt. Uitgangspunt bij de uiteindelijke keuze zijn de leervorderingen en de sociaal-emotionele ontwikkeling over de acht jaren die een leerling bij ons heeft doorgebracht en daarnaast de gegevens van het leerlingvolgsysteem en de CITO eindtoets.

Hoewel we op deze manier denken een weloverwogen keuze te kunnen maken, hebben ouders het recht hiervan af te wijken, aangezien de uiteindelijke keuze wettelijk gezien bij de ouders berust. De aanmelding wordt via onze school geregeld.

De ontvangende school beslist bij aanmelding over plaatsing. Over elke leerling die aangemeld wordt heeft de coördinator van de ontvangende school een gesprek met de groepsleerkracht.

 

 

De uitstroom naar het voortgezet onderwijs in de afgelopen jaren

Aantal leerlingen naar:

 

jaar

LWOO

 

VMBO

 

VMBO

 

HAVO / VWO /Gymnasium

 

 

Leerweg ondersteunend

onderwijs

 

Praktijk/Kader

gericht

 

Theoretisch

 

 

 

2005-2006

3

 

0

 

2

 

8

 

2006-2007

0

 

1

 

1

 

7

 

2007-2008

1

 

3

 

3

 

1

 

2008-2009

1

 

2

 

2

 

3

 

2009-2010

0

 

1

 

2

 

9

 

2010-2011

0

 

1

 

4

 

5

 

 

 

 

 

 

 

2.7 De leraren

 

Wijze van vervanging bij ziekte, studieverlof, scholing

 

In het huidige onderwijs heeft niet elke leerkracht een volledige baan. Velen werken parttime, iets wat door de politiek ook werd en wordt gestimuleerd (recht op deeltijd arbeid).

Ook hebben veel leerkrachten naast hun zgn. lesgebonden uren andere taken op school, waarbij ze geen groep hebben. Dit houdt automatisch in dat er meerdere gezichten voor een groep zullen komen te staan. Wij proberen echter dit zoveel mogelijk te beperken.

De vervanging met betrekking tot scholing of studie wordt al tijdens de formatie- en jaarplanning geregeld, zodat de collega's van elkaar de groep overnemen en er geen "vreemd" gezicht voor de klas komt.

De vervanging bij ziekte geeft meer problemen, omdat we naast de verplichting van de minister om wachtgelders uit de regio hiervoor aan te stellen (we zijn niet meer vrij in onze keuze wie we ervoor vragen), we toch ook moeten constateren dat er steeds minder mensen voor invalwerk beschikbaar (willen) zijn. Binnen het federatieve samenwerkingsverband van Opsterland is er door de christelijke scholen een protocol opgesteld aangaande de kortlopende vervanging. De scholen kunnen zich aan deze regeling conformeren.

De regeling houdt in dat in eerste instantie gezocht wordt naar vervanging van buitenaf of geregeld wordt door eigen teamleden (die bv. die dag geen lesgeven). Als dat niet mogelijk is kan de vervanging gedaan worden door een leerkracht die de betreffende dag geen les geeft, maar andere taken heeft. Is vervanging niet mogelijk, dan is er een zgn. noodplan waarbij groepen opgesplitst worden (de eerste dag van afwezigheid). In sommige situaties kan vrij gegeven moeten worden.

Dat gebeurt alleen wanneer ouders van te voren hiervan schriftelijk op de hoogte zijn gebracht. In deze brief staat de reden van het vrijaf zijn en de datum waarop de leerlingen weer op school worden verwacht.

Deze regeling is bedoeld voor korte perioden. Bij afwezigheid die van te voren bekend is en bij langdurige afwezigheid moet directie/bevoegd gezag op andere wijze actie ondernemen.

Bij calamiteiten kan acuut vrij gegeven moeten worden. Er wordt altijd gezorgd dat leerlingen “onderdak”  hebben. Met andere woorden, de school weet waar de leerlingen zijn.

 

Scholing van leraren

 

Om ons onderwijs kwalitatief op peil te houden is (na)scholing noodzakelijk. De zgn. teamgerichte cursussen liggen meestal op het gebied van didactiek en pedagogiek. Daarnaast worden door de leerkrachten individueel ook cursussen gevolgd. Elke leerkracht maakt in het kader van de wet BIO (Beroepen In het Onderwijs) namelijk een persoonlijk ontwikkelingsplan waarin beschreven wordt waarin hij of zij zich de komende periode wil bekwamen.

 

 

 

2.8 Zorg voor de relatie tussen school en omgeving

 

Samenwerking met de andere scholen in onze gemeente is er ook. Zo is er overleg op het gebied van:

Ø      Beleid en onderwijsvernieuwing (directieniveau).

Ø      Intervisie en vernieuwing (op niveau van rt-ers, ib-ers en groepsleerkrachten).

Ø      Ondersteuning (werkgroepniveau).

Al deze vormen van samenwerking worden begeleid en gesteund door begeleidingsdiensten.

De samenwerking met de buurschool De Pols ligt uiteraard op het zelfde niveau, maar daarnaast zijn er zaken die op "dorpsniveau" geregeld worden. Zoals; gelijktijdige schoolvakanties, Sinterklaas, schoolzwemmen, gezamenlijke activiteiten, invulling vrije dagen, rooster gymnastieklokaal enz.

 

De samenwerking met de bibliotheek bestaat eruit dat elke 8 weken er ongeveer 20 boektitels per groep worden aangeleverd. Zo hebben de leerlingen altijd een keuze uit een grote verscheidenheid titels. Het doel is; leesplezier bevorderen. Daarnaast is er een uitleenkast met boeken die mee naar huis mogen. Zeg maar de "bieb op school". Door de centrale bibliotheekdienst wordt deze kast twee keer per jaar gewisseld.

De samenwerking met Atelier Majeur bestaat uit lessen IMV. De contacten met de begeleidingsdienst zijn veelvuldig en intensief. Met een tweetal opleidingsinstituten heeft De Rank contacten.

Ten eerste is dat met de CHN (afd. Pabo) te Leeuwarden. Vanuit dit instituut worden elk jaar stagiair(e)s bij ons geplaatst vanuit de opleiding "leerkracht basisonderwijs".

Het tweede instituut, De Friese Poort, doet elk jaar een verzoek om een stagiair(e) te mogen plaatsen vanuit de opleiding sociaal pedagogisch werk.

Daarnaast zijn er incidenteel verzoeken vanuit andere opleidingsinstituten om een stagiair(e) te mogen plaatsen. Of dat mogelijk is hangt af van onze eigen mogelijkheden en middelen.

De samenwerking met een " speciale basisschool " (voorheen school voor speciaal onderwijs) loopt altijd via het samenwerkingsverband WSNS “Opsterwad”.

 

2.9 Centrum voor jeugd en gezin

 

De jeugdgezondheidszorg volgt de gezondheid en ontwikkeling van kinderen van 0-19 jaar. De GGD is partner binnen het Centrum voor Jeugd en Gezin. Alle kinderen ontvangen op 5-jarige leeftijd en in groep 7 een uitnodiging voor een gezondheidsonderzoek door de doktersassistent, arts of verpleegkundige. Voorafgaand aan het onderzoek ontvangen de ouders/verzorgers een vragenlijst.

5-jarige kinderen

Dit onderzoek bestaat uit een uitgebreid lichamelijk onderzoek en een gesprek over opvoeding, gedrag en gezondheid, zoals groei, motoriek, spraak en taal.

Groep 7

Dit is een onderzoek van de lichamelijke groei en een gesprek over opvoeding, gedrag, sociale ontwikkeling.

Ouders, kinderen of de school (in overleg met ouders) kunnen bij vragen of zorgen altijd terecht bij de jeugdgezondheidszorg voor een extra onderzoek of gesprek. U kunt zelf contact opnemen met de jeugdarts of –verpleegkundige van GGD Fryslân Jeugdgezondheidszorg via 088 22 99 444.

 

 

 

2.10 Begeleiding en inzet van stagiaires

 

Onze school heeft elk jaar vanuit de PABO Leeuwarden één of meer stagiair(e)s. Naast de verplichting hiertoe, kan het ook voordelen hebben. We blijven als school betrokken bij de opleiding van goede collega's in onze beroepsgroep. Naast de stagiaires uit de eerste drie jaren van de opleiding, is het ook mogelijk een zgn. LIO stagiair(e) te krijgen.

Dit zijn vierdejaars studenten die onder begeleiding van de groepsleerkracht die groep gedurende een langere periode (meestal een half jaar) zelfstandig lesgeven. In alle gevallen, waar stagiaires op school aanwezig zijn, blijft de eindverantwoordelijkheid van de gegeven lessen bij de betreffende groepsleerkracht.

Naast stagiair(e)s vanuit de PABO heeft onze school ook wel eens een stagiair(e) van de opleiding "Sociaal Pedagogisch Werk". Deze stagiair(e) is werkzaam in de onderbouw en kan beschouwd worden als klassenassistent.

De school hanteert het beleid dat er geen stagiaires worden geplaatst die in het verleden les hebben gehad op De Rank en/of in eigen dorp wonen.

 

 

 

h3

Hoofdstuk 3

 

De ouders en de school

 

3.1 Het belang van de betrokkenheid van ouders

 

Onze school hecht veel waarde aan een goede samenwerking tussen ouders en school. Wij vinden het belangrijk dat ook de ouders de gang naar de school gemakkelijk maken. Daar waar ouders en school elkaar vinden heeft dat een positieve invloed op het gehele schoolse gebeuren.

 

U als ouders hebt ook inspraak op het totale schoolgebeuren. Dat kan al heel direct, wanneer men lid is van de schoolvereniging. Verder is het mogelijk, indien men lid is, om zitting te nemen in één van de drie organen die de school heeft. Dit zijn het bestuur (als bevoegd gezag), de ouderraad en de medezeggenschapsraad.

 

Ø      Het bestuur

 

Het bestuur bestaat uit 5 personen. Zij worden voor een zittingsduur van vijf jaar gekozen en zijn éénmaal herkiesbaar. De verkiezing wordt gehouden tijdens de algemene ledenvergadering, welke elk jaar in oktober of november plaatsvindt.

" Het doel van ons bestuur is het behartigen van de belangen van het christelijk onderwijs in Tijnje en omstreken"...

 

Het team ondersteunen, maar ook toezicht houden op het reilen en zeilen van onze school; het bestuur heeft als werkgever de eindverantwoordelijkheid.

Om goed te kunnen functioneren, willen wij graag zo goed mogelijk geïnformeerd zijn. Hiertoe hebben we vergaderingen met de directie.

Regelmatig wordt er ook vergaderd met de directeuren en de voorzitters van de besturen van de andere christelijke scholen in Opsterland.

Verder worden we ondersteund met informatie door landelijke organisaties. Van onder af willen we ook graag zoveel mogelijk informatie en contact, zodat we kunnen inspelen op de wensen en verwachtingen van de ouders. Dus als u ideeën, verwachtingen of onverhoopt problemen heeft, aarzel dan niet om naar ons toe te komen, want we hebben toch allemaal het zelfde doel; het scheppen van een goed werk- en leefklimaat voor team, kinderen en ouders".

 

Ø      De ouderraad

 

De ouderraad bestaat nu uit 5 personen die zitting hebben voor een periode van 5 jaar.

Zij worden op voordracht van de ouderraad benoemd tijdens de jaarlijkse ledenvergadering.

Wat doet de ouderraad zoal?

”Wij vergaderen regelmatig per jaar met een lid van het team en het bestuur.

Twee maal per jaar hebben we een vergadering samen met het team, het bestuur en de medezeggenschapsraad. Dit is om de grote lijnen aangaande het schoolgebeuren door te praten.

Verder ondersteunen wij het team bij verschillende activiteiten of organiseren zelf activiteiten (bv. Sinterklaasfeest, vieringen, projecten, de laatste schoolweek e.d.). Ook het regelen van de  zaken rondom sportwedstrijden doen wij. Bij alles wat we doen of bespreken houden we de doelstelling van de school voor ogen en natuurlijk wat het beste is voor onze kinderen”.

 

 

Ø      De medezeggenschapsraad

 

De medezeggenschapsraad bestaan uit 4 personen. Twee leden vertegenwoordigen de ouders en twee vertegenwoordigen het onderwijzend personeel. Beide zijn voorstander van goed onderwijs en een fijne school voor de kinderen. Het personeel en ouders maken gebruik van elkaars kwaliteiten. Het personeel weet veel van de dagelijkse gang van zaken op school, ouders leveren vanuit hun ervaring en kennis een waardevolle bijdrage aan de medezeggenschap.

De MR denkt mee met het bestuur, toetst diens besluiten, is mede verantwoordelijk voor het welzijn van de leerling en het team en bewaakt mede de onderwijskwaliteit.

Omdat de overheid steeds meer verantwoordelijkheden overdraagt aan de scholen, is een goed functionerende MR belangrijk. Iedereen moet goed op de hoogte zijn van elkaars taken, rechten, plichten en goed op de hoogte zijn van de ontwikkelingen om de belangen van het personeel, de leerlingen en ouders te behartigen. Dit vereist kennis en inzicht.

Voorbeelden waar een MR over meebeslist zijn:

 

- Ouderbijdragen                                                        - Klachtenregeling

- Schooltijden                                                             - Schoolgids

 

- Pestbeleid                                                                - Tussen schoolse- en buiten schoolse

- Schoolvakanties                                                          opvang

- Veiligheid                                                                 - Financieel beleid

- Schoolreglement

 

Bevoegdheden van de MR zijn:

Wanneer het schoolbestuur besluiten neemt, moet het voor bepaalde zaken eerst advies aan de MR vragen. In bepaalde gevallen is de instemming van de MR nodig, dit staat in de statuten MR beschreven. Belangstellenden en / of een ieder met vragen en ideeën die betrekking hebben op het werk van de MR, kunnen altijd één van de MR leden aanschieten of bellen (namen en telefoonnummers staan achter in deze schoolgids).

 

 

3.2 Participatie in schoolse of buitenschoolse activiteiten

 

Onze school gaat er vanuit dat de ouders en het team samen verantwoordelijk zijn voor de zorg naar de kinderen toe.

 De school verwacht van de ouders dan ook betrokkenheid bij die zaken aangaande het onderwijs aan de kinderen. Dat kan op verschillende manieren;

 

- lezen                                                                  - computerlessen

- vervoer van leerlingen                                         - verkeersexamen groep 8

- begeleiden bij excursies en sportactiviteiten         - hulp bij verkeerslessen

- spelletjesmiddag in de kleutergroep                     - begeleiden bij laatste schoolweek

- helpen bij schoolreis/kamp                                 - klusjes op het terrein/klein onderhoud

 

 

3.3 Informatievoorziening aan ouders en contact 

 

De contacten tussen ouders en school zijn divers: via

Infobriefjes                                          Nieuwsbrief                             Contactavonden

Mondeling contact                               Ledenvergadering                    Ouderavond

Spreekuur                                           Website                                   Schoolkrant

Schoolgids                                          Jaaroverzicht                           Rapportavonden

Open lessen (altijd in een oneven jaar)

 

 

 

 

3.4 Ouderbijdragen:

Onze school vraagt een vrijwillige ouderbijdrage. Hoewel de bijdrage vrijwillig is, vragen we u vriendelijk om het bedrag van € 15,00 per kind toch te betalen. Het bedrag wordt gebruikt voor zaken die rechtstreeks aan de leerlingen ten goede komen (St. Nicolaasfeest, vieringen, afscheidscadeau groep 8, feestelijke ouderavond, enz.).

Daarnaast bedraagt het lidmaatschap van de vereniging op dit moment € 10,00.

 

3.5 Tussen- , voor- en naschoolse opvang

 

De tussenschoolse opvang wordt door de ouderraad van De Rank en De Pols gezamenlijk georganiseerd.

Op het moment dat het bekend is, wie wanneer overblijft, wordt de bezetting van de overblijf- ouders hier op afgestemd. Indien op een overblijfmoment meer dan 10 kinderen zich hebben aangemeld, zullen er minimaal 2 overblijfouders aanwezig zijn.

Indien iemand gebruik wil maken van het overblijven kan hiervoor contact worden opgenomen met :

Ina Dotinga : telefoonnummer 0513 571951

Wanneer u voor- en naschoolse opvang wenst voor uw kind, kunt u dit melden bij de schoolleiding. De school vervult hierin de zgn. “makelaarsrol”. Dit houdt in dat u in contact gebracht wordt met Timpaan-kinderopvang.

 

 

3.6 Schoolverzekering voor leerlingen:

 

De school heeft een verzekeringspakket afgesloten, bestaande uit een ongevallenverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering.

 

Op grond van de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij schoolactiviteiten (leerlingen, personeel, vrijwilligers) verzekerd. De verzekering geeft recht op een (beperkte) uitkering indien een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt. Ook zijn de geneeskundige en tandheelkundige kosten gedeeltelijk meeverzekerd, voor zover de eigen verzekering van betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door eigen risico). Materiële schade (kapotte bril, fiets etc.) valt niet onder de dekking.

 

De aansprakelijkheidsverzekering biedt zowel de school zelf als zij die voor de school actief zijn (bestuursleden, personeel, vrijwilligers) dekking tegen schadeclaims ten gevolge van onrechtmatig handelen.

 

 

Wij attenderen u in dit verband op twee aspecten, die vaak aanleiding zijn tot misverstand.

1.                  Ten eerste is de school c.q. het schoolbestuur niet (zonder meer) aansprakelijk voor alles wat tijdens de schooluren en buitenschoolse activiteiten gebeurt. Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die in schoolverband ontstaat door de school moeten worden vergoed. Deze opvatting leeft wel bij veel mensen, maar is gebaseerd op een misverstand. De school heeft pas een schadevergoedingsplicht wanneer er sprake is van een verwijtbare fout. De school (of zij die voor de school optreden) moeten dus tekort zijn geschoten in hun rechtsplicht. Het is mogelijk dat er schade wordt geleden, zonder dat er sprake is van enige onrechtmatigheid. Bijvoorbeeld tijdens de gymnastiekles een bal tegen een bril. Die schade valt niet onder de aansprakelijkheidsverzekering en wordt (dan ook) niet door de school vergoed.

2.                  Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor schade door onrechtmatig gedrag van leerlingen. Leerlingen (of, als zij jonger zijn dan 14 jaar, hun ouders) zijn primair zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens de schooluren of tijdens andere door de school georganiseerde activiteiten door onrechtmatig handelen schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de ouders) verantwoordelijk voor (voorbeeld; tijdens de pauze wordt een jas kapot getrokken. De ouders van de “veroorzaker”zijn in dit geval aansprakelijk). Het is dus van belang dat ouder(s)/verzorger(s) zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering hebben afgesloten.

 

Een aanvulling op bovengenoemde is de mogelijkheid om als ouders rechtstreeks een zogenaamde eigendommenverzekering  af te sluiten. Hieronder de tekst zoals de besturenraad dit aanbiedt.

 

 

Aanvraag eigendommenverzekering
Via de Besturenraad is voor het christelijk onderwijs een verzekeringspakket ontwikkeld voor de school. In het pakket is een verzekering opgenomen voor ongevallen tijdens schooluren, activiteiten in schoolverband en het rechtstreeks gaan naar en komen van school. Er zijn echter voor u aan het verblijf van uw kind op school nog andere risico’s verbonden.
Eén van de risico’s is de mogelijkheid van materiële schade aan kleding en andere eigendommen van uw kind. Hiervoor kunnen wij u een passende verzekering aanbieden!

Met deze verzekering is de volgende schade gedekt:

·                        Schade (waaronder diefstal) aan kleding en andere eigendommen van uw kind die ontstaan is tijdens schooltijd en activiteiten in schoolverband gedurende de tijd dat uw kind onder toezicht staat van leerkrachten of hulpkrachten.

·                        Materiële schade die ontstaan is tijdens het rechtstreeks gaan naar en komen van school of een andere door de schoolleiding aangegeven plaats.

Het maximaal verzekerd bedrag is € 500,- voor schade aan kleding en eigendommen met uitzondering van geld en geldswaardig papier en € 250,- voor schade aan rijwielen en mobiele apparatuur.
Voor alle schaden geldt een eigen risico van € 25,- per gebeurtenis.
De premie voor deze verzekering bedraagt inclusief alle kosten € 26,- per schooljaar.

Aanmelden
Voor het afsluiten van deze verzekering gaat u naar:
website : www.leerlingenverzekering.nl
inlogcode : Ouders
wachtwoord : Inloggen1
 
Na aanmelding kunt u de polis zelf printen.

Met vragen over de leerlingenverzekering kunt u terecht bij de helpdesk: t. 0727 11 34 02

Een eventuele schade moet zo spoedig mogelijk elektronisch of telefonisch worden gemeld :
schade@leerlingenverzekering.nl of t. 0727 11 34 02

www.besturenraad-verzekeringen.nl

Home

 

3.7 Het maken van beeldopnamen:

 

Het maken van beeldopnamen (foto, film, video) op onze school kan deel uitmaken van het bevorderen van de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast worden er van de activiteiten welke door het jaar heen plaats vinden foto’s gemaakt die op onze website geplaatst worden.

Hieronder staan de protocollen voor zowel de website als voor het maken van overige beeldopnamen. 

 

website

 

Ø      De website is bedoeld om informatie te verstrekken. Dat kan informatie zijn vanuit de leerlingen, de leerkrachten, de directie, ouderraad of het bevoegd gezag.

Ø      De informatie is in eerste instantie bedoeld voor ouders en leerlingen van de school. Maar ook andere belangstellenden worden uitgenodigd onze website te bezoeken.

 

Ø      De meeste informatie op de site is ook te vinden in de schoolgids. Naast zakelijke informatie is er ook ruimte voor actuele gebeurtenissen in en om de school. Zo zal ook de maandbrief op de site geplaatst worden. Bovendien kan er door kinderen en leerkrachten werkstukken en /of activiteiten op de site geplaatst worden die met ons onderwijs te maken hebben.

 

Ø      De website wordt onderhouden door de  ict -er van de school.                                                                                                                          Deze “webmaster” plaatst de meest recente informatie op de site en stimuleert de andere leerkrachten om regelmatig werk en fotomateriaal uit de verschillende groepen aan te leveren voor publicatie.

 

Ø      In het kader van de wet op de privacy wordt aan het begin van elk schooljaar melding gemaakt van het bestaan van de website. Dit gebeurt via deze schoolgids. Op onze website worden werk en foto’s van kinderen geplaatst. De  ouder(s)/verzorger(s) worden in de gelegenheid gesteld tegen publicatie van werk en/of foto’s van hun kind(eren) bezwaar te maken. Men dient dit dan elk jaar schriftelijk vóór 15 september te melden bij de directie. De webmaster verzamelt de namen van de kinderen van deze ouder(s)/verzorger(s) en plaatst deze op een lijst. De webmaster ziet erop toe dat tijdens die cursus geen werk en/of foto’s van deze kinderen op de site komen te staan.

 

Ø      Ouder(s)/verzorger(s) kunnen hun bezwaar ook weer (schriftelijk) herroepen. De namen van hun kinderen worden dan weer van de bezwarenlijst gehaald. Bij publicatie van werk en/of foto’s worden geen achternamen van kinderen geplaatst.

 

Ø      Werk en foto’s van teamleden worden ook alleen geplaatst met toestemming van de teamleden.

 

Op de website worden geen persoonlijke informatie als telefoonnummers, adressen e.d. vermeld. Bij het op de site plaatsen van bijvoorbeeld de nieuwsbrief wordt hierop toegezien.

 

Overige beeldopnames

 

Onder beeldopnames wordt verstaan; het maken van video-opnamen, filmopnamen en foto’s.

Beeldopnames kunnen worden gemaakt in het kader van;        leerkracht begeleiding

                                                                                              leerling observatie

                                                                                              andere opnames

 

Afspraken bij:

Ø      Leerkracht begeleiding

Toestemming nodig van leerkracht en directie.

Ouder(s)/verzorger(s) worden geïnformeerd door middel van schoolkrant of (nieuws)brief.

 

 

Niet tonen van opnames aan derden (iedereen, behalve leerkracht en begeleider) zonder toestemming van leerkracht en begeleider.

Na afloop begeleiding opnames wissen.

 

 

Ø      Leerling observatie

Toestemming nodig van leerkracht en directie.

Schriftelijke toestemming nodig van ouder(s)/verzorger(s) van betreffende leerling.

Van tevoren kenbaar maken dat beelden niet ter inzage zijn voor ouders en derden (iedereen, behalve leerkracht en observator).

Niet tonen van opnames aan derden zonder toestemming van alle betrokkenen.

Ouder(s)/verzorger(s) worden geïnformeerd door middel van schoolkrant of (nieuws)brief.

Na rapportage opnames wissen.

 

Ø      Andere opnames

Toestemming nodig van leerkracht en directie.

Het doel van de opnames wordt aangegeven.

Ouder(s)/verzorger(s) worden geïnformeerd door middel van schoolkrant of (nieuws)brief.

Niet tonen van opnames aan derden zonder toestemming van alle betrokkenen.

Afhankelijk van het doel worden de opnames gewist of gearchiveerd.

 

 

 

 

h4

HOOFDSTUK 4

 

 

De ontwikkeling en resultaten van het onderwijs in de school

 

4.1  Activiteiten ter verbetering van het onderwijs

 

In onze school hebben we samen met de andere Opsterlandse scholen steeds gezocht naar organisatievormen die meer tegemoet kwamen aan de mogelijkheden van de kinderen.

Denk aan; vorderingengroepen, circuitles, werkles. Toch heeft ook deze manier van lesgeven zijn zwakkere kanten. Ook hier kunnen we het risico lopen (zij het in veel mindere mate dan in het klassikale onderwijs), dat kinderen " uitvallen " (moeten laten zien wat ze niet kunnen).

Willen we eraan werken dat kinderen kunnen laten zien wat ze wel kunnen, dan zullen we bij de eerste signalen van "niet kunnen" een andere strategie moeten hanteren.

......wat kun je wel,....hoeveel rijtjes denk je in die tijd af te kunnen krijgen,.............

Het kind zal moeten ontdekken wat het wél kan (competentie) en zal daardoor van de ander

(leerkracht en medeleerling) waardering krijgen (relatie).

Het op deze manier met onze leerlingen omgaan vraagt extra tijd en extra moeite. Door daarnaast te werken aan vormen van zelfstandig werken wordt er tijd vrij gemaakt om leerlingen die meer of andere instructie nodig hebben te ondersteunen.

 

Het laten beseffen van de leerling (dus ook de risicoleerling) dat hij/zij wat kan (competentie) en daarvoor waardering krijgt (relatie), mondt uit in meer onafhankelijkheid (.....ik kan iets en ik kan het ook alleen...).

 

 

De twee componenten, meer competentie en meer onafhankelijkheid samen, noemen we adaptief onderwijs, iets waar wij ons op onze school sterk voor maken. Daarnaast is het van belang dat wat op teamniveau wordt afgesproken in de klassen ook goed uitgevoerd kan worden. Het bewaken en begeleiden van afspraken door de school heen wordt gedaan door de interne begeleider. Er is ook deze cursus formatieruimte gemaakt om op onderwijsinhoudelijk gebied elkaar te kunnen ondersteunen. Zo werken wij gezamenlijk aan kwaliteitsverbetering op De Rank.

Uit het voorgaande moet duidelijk zijn dat binnen de draagkracht van onze school alle leerlingen welkom zijn, van risicokind tot en met het meerbegaafde kind.

 

 

4.2  Leerlingvolgsysteem

 

Vanaf dat de leerlingen op school komen, worden zij gevolgd in hun ontwikkeling. Er is een breed scala aan registraties en signaleringslijsten. Doel hiervan is vroegtijdig onderkennen van eventuele problemen, zodat er gericht op kan worden gereageerd.

Wij gebruiken, naast de methode gebonden toetsen, het leerlingvolgsysteem van CITO. Onderdelen hieruit zijn:

 

Kleuters         ; kleuterobservatielijst, sociaal-emotionele ontwikkeling, ordenen, taal,                                                  ruimte en tijd.

Groep 3 t/m 8;             rekenen en wiskunde, leestechniek en tempo, leeswoordenschat, begrijpend

                                   lezen, spelling, sociaal-emotionele ontwikkeling.

 

 

4.3  Cijfers over specifieke zorg voor leerlingen

 

In elk cursusjaar heeft de IB-er en / of de RT-er met de groepsleerkrachten, tijdens de leerling-besprekingen en in het collegiale overleg, verschillende leerlingen doorgesproken.

Het aantal leerlingen waarvoor remedial teaching is ingezet staat in het jaaroverzicht.

 

 

4.4  Kwaliteitszorg

 

Willen we dat onze school een goede school blijft dan is het noodzakelijk om nieuwe ontwikkelingen in het onderwijs te volgen. Daarom is er scholing (dat kan individueel, per leerkracht), maar ook op schoolniveau (als team). Op materieel gebied worden er bijvoorbeeld nieuwe methodes ingevoerd.

Op managementniveau is er gekozen voor het verder ontwikkelen van een functie van interne begeleider en daar ook meer tijd beschikbaar voor te stellen. Doel hiervan is om kennis en kunde binnen het team breed inzetbaar te houden. Bovendien worden de onderwijskundige ontwikkelingen op die manier door meerdere personen gedragen. Op onze school zijn de volgende functies:

Directeur, I(nterne) B(egeleider), ICT -er en R(emedial )T(eacher)

Al deze functies hebben ook tijd om aan hun taak te kunnen werken.

 

Zie voor de punten waar de school aan heeft gewerkt en wil gaan werken het jaaroverzicht.

 

 

Hoofdstuk 5

Regels en verplichtingen

 

5.1  Schooltijden

 

Het wettelijke aantal uren onderwijs (totaal 7520) dat een kind in het basisonderwijs moet volgen is verdeeld over ongeveer 40 schoolweken.

In de onderbouw(1- 4) gaan de leerlingen 880 uren per jaar naar school. In de bovenbouw (5-8) is dat 1000 uur per jaar. De schooltijden per week staan hieronder:

 

 

Vanaf 8.15 uur en 13.00 uur kunnen de ouders van de leerlingen uit groep 1 en 2 hun kind in de groep brengen. In de groepen 3 en 4 gebeurt dit ook nog incidenteel (even een tekening of een werkje dat gemaakt is laten zien). Voor de leerlingen van groep 5 t/m 8 geldt; vanaf deze leeftijd spelen zij op het plein, totdat de lessen beginnen.

 

Op tijd beginnen.

De bel gaat een paar minuten eerder dan 8.30 uur en 13.15 uur. Dit gebeurt bewust, want zo kunnen de lessen ook precies om 8.30 uur starten. Respecteer s.v.p. de begintijden.

 

 

5.2  (Ongeoorloofd) schoolverzuim en maatregelen

 

Kinderen hebben recht op onderwijs vanaf de dag dat ze vier jaar worden.

De volledige leerplicht begint op de eerste schooldag na de maand waarin de leerling vier jaar is geworden. Dit betekent dat hij/zij hele dagen naar school moet. Vrijstelling hiervoor is mogelijk voor leerlingen van 4 en 5 jaar. Zij mogen in overleg met leerkracht en directie voor enkele uren per week de lessen verzuimen. De leerplicht eindigt in het schooljaar, waarin de leerling zestien jaar is geworden.

 

Als het kind ziek is of om een andere dringende reden de school niet kan bezoeken, dient men de school daarvan in kennis te stellen.

Een telefoontje (voor schooltijd!) voorkomt problemen.

 

5.3 Vrij vragen buiten de schoolvakanties

 

In de afgelopen paar jaar is het enkele keren voorgekomen dat gezinnen buiten de schoolvakantie om op vakantie gingen. Een aanvraag daarvoor werd ingediend bij het bestuur.

Inmiddels krijgen de scholen (ook De Rank) vaker verzoeken vrij te geven tijdens schooltijden. En dat terwijl de media regelmatig melding maken van controles door de leerplichtambtenaren (tot op vliegvelden). In de bestuursvergadering van 15 oktober 2008 is hier over gesproken. Het is hier op school wel altijd gewoonte geweest er wat soepel mee om te gaan, maar de vraag is vervolgens waar de grens ligt. Die ligt voor de één verder dan voor de ander. Vandaar dat we vanaf nu één lijn trekken en ons houden aan de leerplichtwet.

Het vrij vragen buiten de door de school vastgestelde vakanties om wordt door de school niet toegestaan.

Hierbij moet u rekening houden met alle vakanties. Met andere woorden: Als uw beroep het niet toelaat dat u in de zomervakantie op vakantie kunt, maar het is wel mogelijk dat u in bijvoorbeeld de kerstvakantie weg kunt, dan kunt u geen vrij vragen.

We willen één uitzondering maken. Er zijn gezinnen die wel eens een weekendje naar een vakantiepark o.i.d. willen en daarvoor de vrijdag en de maandag vrijaf vragen voor hun kind. Vandaar dat we per gezin hier op verzoek hooguit één maal per cursusjaar toestemming voor kunnen geven. Let wel; op verzoek. Het kan dus niet met een mededeling, maar er zal altijd een schriftelijk verzoek met reden waarom men deze vrije dagen wenst overhandigd moeten worden.

Het formulier “registratie aanvraag schoolverzuim” is hiervoor dus niet voldoende. Dat formulier moet u gebruiken bij het vrij vragen voor bijvoorbeeld tandartsbezoek, vrije dag in verband met jubileum, familie- aangelegenheid e.d.

 

Hieronder geven we de regels nog eens zoals ze vermeldt staan op de postbus 51 site.

Het is in strijd met de Leerplichtwet om met uw kinderen op vakantie te gaan buiten de vakantieperioden die de school vaststelt. Wanneer het door uw beroep of dat van uw partner niet mogelijk is om tijdens de schoolvakanties met vakantie te gaan, kunt u bij de directeur van de school een verzoek indienen voor een vrijstelling of verlof, het zogenaamde ‘beroep op vrijstelling’.

Individuele beoordeling 

Verlofaanvragen worden altijd individueel beoordeeld. Een aanvraag voor verlof dient u zo spoedig mogelijk in bij de directeur, bij voorkeur minimaal acht weken van tevoren. U moet dan een verklaring van uw werkgever laten zien waaruit blijkt dat u niet op een ander moment op vakantie kunt.

 

 

 

 

Vrijstellingsmogelijkheid.

De directeur van de school beslist of een leerling een keer per jaar maximaal tien schooldagen buiten de schoolvakanties op vakantie mag. Dit is geregeld in de Leerplichtwet 1969. Voor het mogelijk krijgen van verlof, gelden de volgende voorwaarden:

  • het moet gaan om een gezinsvakantie;
  • de vakantie kan niet worden opgenomen in een van de schoolvakanties vanwege de specifieke aard van het beroep van u of uw partner. Met opzet wordt in de Leerplichtwet het meervoud "schoolvakanties" gebruikt om duidelijk te maken dat de directeur slechts vrijstelling mag verlenen indien de ouders gedurende alle schoolvakanties verhinderd zijn om op vakantie te gaan;
  • deze tien dagen vallen niet in de eerste twee weken na de zomervakantie.

Vrijstelling voor meer dan tien dagen

Indien u verlof aanvraagt voor meer dan tien dagen per schooljaar, besluit de leerplichtambtenaar van de woongemeente van uw kind over de aanvraag. U moet de aanvraag indienen bij de directeur van de school van uw kind. De directeur legt deze dan voor aan de leerplichtambtenaar.

 

 

Bezwaar

Als u het niet eens bent met een beslissing over de vrijstelling, kunt u schriftelijk bezwaar maken bij degene die de beslissing heeft genomen.

 

Bron: http://www.postbus51.nl

 

Verlof voor de leerlingen aangaande familieomstandigheden wordt bij de directeur aangevraagd.

 

 

We hebben een formulier ontworpen waarop ouders, die verlof voor hun kinderen wensen, de reden e.d. kunnen invullen. Deze “registratie schoolverzuim” bewaren wij, opdat, in geval van controle door inspectie en/of leerplichtambtenaar, wij beschikken over de vereiste gegevens.

Deze formulieren “registratie aanvraag schoolverzuim” kunt u bij de leerkracht krijgen en levert u ook weer in bij de leerkracht.

 

 

Bij niet op school verschijnen, zonder dat de leerkracht hiervan op de hoogte is gebracht, wordt door de school direct navraag gedaan naar de reden van afwezigheid.

De schoolleiding is verplicht de afwezigheid bij te houden en bij (vermoedelijk) spijbelen of ongeoorloofd schoolverzuim de leerplichtambtenaar in te lichten. Deze stelt dan een onderzoek in naar het verzuim.

 

 

 

 

5.4  Schorsing en verwijdering

 

Mocht de schoolleiding ernstige overwegingen hebben een leerling te schorsen of te verwijderen, dan gebeurt dat pas, wanneer ouder(s)/verzorger(s), bevoegd gezag, leerplichtambtenaar en evt. inspectie daarover zijn ingelicht. Hiertoe is een protocol op school aanwezig. Dit kunt u bij de

directie opvragen.

 

 

5.5 Klachtenregeling

 

Hieronder staat kort de gang van zaken bij afhandeling van klachten.

De volledige regeling ligt op school ter inzage.

 

1. De klacht eerst met de leerkracht bespreken.

2. Wordt de klacht niet naar tevredenheid opgelost, dan kan de directeur worden

aangesproken.

3. Daarna komt de contactpersoon in beeld.

4. De contactpersoon verwijst u naar eventueel het bevoegd gezag/mr en de

vertrouwenspersoon of een andere derde.

5. Is er dan nog geen overeenstemming bereikt, dan kan de landelijke klachtencommissie worden aangeschreven. ( Besturenraad Postbus 82324, 2508 EH Den Haag
Tel: 070 – 3861697)

 

 

Geschillencommissie WMS

 

In de wet medezeggenschap op scholen is voorzien in een landelijke commissie voor geschillen met betrekking tot deze wet. In de praktijk zal van deze commissie geen gebruik hoeven te worden gemaakt, tenzij bevoegd gezag en medezeggenschapsraad in bepaalde gevallen geen overeenstemming kunnen bereiken.

Landelijke Commissie Geschillen WMS -  postbus 2127 -   3500 GC   Utrecht

geschillencie@infowms.nl

 

 

Hoofdstuk 6

 

Allerlei

 

6.1 Eten en drinken

 

In de onderbouw (groep 1/2) eten we fruit in de kring. We zien dan ook graag dat de leerlingen fruit of een boterham meenemen. Dus geen koek of snoep. Geeft u niet te veel mee, want soms  "kon het niet op " en blijft het liggen.

Ons Nederlandse kraanwater is lekker, betrouwbaar en gezond. Het drinken van water helpt bovendien om de concentratie te verhogen; kinderen worden er helderder en frisser door. Water speelt dan ook een belangrijke rol bij het extra activeren van de hersenen en de zintuigen.

Het belang van water drinken kan niet vaak genoeg worden benadrukt. Onze hersencellen bestaan voor 90% uit water, en onze hartcellen voor 85%. Water speelt o.a. een cruciale rol bij het voorzien van de hersenen van zuurstof. En uiteraard heeft water een positieve werking op de spijsvertering waardoor essentiële voedingstoffen sneller door het lichaam worden vervoerd en op de plek komen waar ze nodig zijn tijdens het leren. Daarbij neemt de behoefte aan zoete dranken af.
Op De Rank maken we daarom van water drinken een gewoonte.

Zorgen dat de kinderen ’s ochtends en ‘s middags een bidon met vers water op de tafel hebben, zal zorgen voor een beter leerklimaat op school. We hopen zo een positieve bijdrage te leveren aan een stukje gezondheid van lichaam en geest.

 

6.2 Verjaardagen

Als de kinderen jarig zijn, mogen ze hun klas en de leerkrachten trakteren. Geeft u een verantwoorde traktatie mee? Denk eens aan; fruit , kaas, worst, ballon, krijt o.i.d.

Geen ideeën? Kijk eens op internet, suggesties genoeg.

 

 

6.3 Vaderdag / Moederdag

 

De groepen 1 t/m 4 maken elk jaar iets voor vaderdag, moederdag en ook maken ze elk jaar een lampion voor Sint Maarten. De groepen 5 t/m 8 doen dit niet. Toch kan het eens voorkomen in een jaar dat het wel gebeurt, maar dat is dan een uitzondering.

 

 

 

6.4 Halen en brengen (De Rank, een verkeersveilige school)

 

Wanneer u gewend bent om uw kind op te halen en te brengen, dan willen we u vriendelijk, maar

 

dringend vragen om de veiligheid in het oog te houden.

Om de veilige schoolzone zo autovrij mogelijk te houden tijdens begin- en eindtijden van school kunt u de auto parkeren op de parkeerplaatsen aangegeven op het onderstaande kaartje. Wilt u dit ook doorgeven aan opa’s oma’s en uw oppas?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ø      Fietsen

 

Er komen veel kinderen op de fiets naar school. Zeker in de zomermaanden. Tegenwoordig hebben de meeste fietsen goede staanders en brede banden (soms te breed voor de rekken). Zijn de beide fietsenhokken vol, dan kunnen de fietsen naast de stalling gezet worden op de tegels. Er mogen geen fietsen op het pad geplaatst worden.

Voor en na schooltijd en in de pauzes mogen er geen leerlingen in de stalling "spelen".

En het spreekt vanzelf……niet fietsen op het toegangspad (dat geldt voor jong én oud(ers)).

Bij het verlaten van de school wordt vaak op elkaar gewacht om samen te fietsen. Prima, maar dat wachten moet dan gebeuren bij het fietsenhok en niet bij de straat. Het trottoir raakt “verstopt” en de overzichtelijkheid bij het wegfietsen neemt af. En dat is wat we een aantal jaren geleden hebben veranderd door voor de wachtende ouders speciale wachtplaatsen te maken. Wijst u uw kind er ook op. Het gaat namelijk om de veiligheid van uw kind.

 

 

6.5 Gevonden voorwerpen

 

In de hal van school staat een wasmand met gevonden voorwerpen. Meestal zijn dit gymkleren, sjaals, wanten e.d.

Mist u al enige tijd iets, dan is het verstandig eens in die mand te kijken.

Een paar keer per jaar wordt de mand geleegd. Wat er dan in zit gaat naar een goed doel.

 

6.6 Schoolfotograaf

 

Eens in de twee jaar in het voorjaar (in de even jaren) komt de schoolfotograaf. Er wordt een groepsfoto, een individuele foto en een zgn. broer-zusfoto gemaakt.

 

6.7 Schoolzwemmen

 

Over schoolzwemmen is regelmatig in de media een en ander gepubliceerd. Met name de vraag wie draagt de verantwoordelijkheid tijdens de zwemlessen.

In de Opsterlandse zwembaden is een protocol van kracht waarbij de verantwoordelijkheden van de school en het zwembad duidelijk zijn beschreven. Belangrijk gegeven is wel dat de groepsleerkracht die de klas begeleidt de verantwoordelijke persoon is en aanwezig dient te zijn bij de zwemlessen. Deze persoon is ook bevoegd de zwemlessen te onderbreken als dat naar zijn/haar oordeel voor de veiligheid noodzakelijk is.

 

 

 6.8 Verkeersexamen

 

De groepen 7 en 8 doen om het jaar mee aan het landelijke verkeersexamen. De data van het schriftelijke en praktische examen staan in het jaaroverzicht.

 

6.9 Schoolarts

 

De onderzoeken door de jeugdarts en assistente en/of door de jeugdverpleegkundige worden afgenomen bij leerlingen uit groep 2, 4 en 7.

In groep 2 is er een onderzoek door de jeugdarts en de assistente.

In groep 4 screent de assistente de leerlingen op gehoor .

In groep 7 worden de leerlingen door de assistente onderzocht op lengte, gewicht en gezichtsvermogen.

In enkele gevallen worden leerlingen voor hercontrôle opgeroepen. Wanneer u als ouder(s)/ verzorger(s) vragen heeft of een onderzoek wenst voor uw kind, dan kunt u contact opnemen met de jeugdarts (zie adressen).

 

 

6.10 Schoonmaak materiaal onderbouw

 

Het onderbouw materiaal gaat door vele kinderhanden. Eén keer per jaar een goede schoonmaakbeurt is noodzaak.

Elk jaar gaan ouders samen met de leerkrachten een avond gezellig al die kleuterspullen schoonmaken onder het motto " zo kan mijn kind volgend jaar ook weer met schoon materiaal werken”. De avond begint om 19.00 uur en meestal zijn we om 21.30 uur klaar. Een hapje en een drankje horen er ook bij.

 

 

6.11 Afscheid groep 8

 

De leerlingen van groep 8 worden altijd in de gelegenheid gesteld een afscheidsactiviteit te organiseren. Deze activiteit kan gedurende een ochtend in de laatste schoolweek plaatsvinden. De organisatie en begeleiding is dan wel altijd in handen van de ouders van de leerlingen van groep 8. Overleg over de aard van de activiteit met de leerkracht of directie is een voorwaarde.

Op dezelfde dag wordt ’s middags de jaarafsluiting met de hele school gevierd. Hierbij wordt afscheid genomen van de leerlingen van groep 8. De ouder(s)/verzorger(s) van deze schoolverlaters worden daarbij van harte uitgenodigd.

 

 

 

 

 

 

 

Tip

 

zet in tassen, laarzen de naam van het kind

 

aan de wanten een touwtje is ook handig

 

 

 

 

 

 

 

 

EEN FIJN CURSUSJAAR MAAK JE SAMEN


Ø      Verklarende woordenlijst

 

 

CITO                    Centraal instituut voor toetsontwikkeling.

                           

ICT                      Informatie en Communicatie Technologie

Alles wat op het gebied van computers op de scholen afkomt, is onder deze term te vangen. De ICT-er op school is dus iemand die er voor moet zorgen dat een hoeveelheid aan gegevens rondom de computer "gestroomlijnd" wordt.

 

RT                        Remedial teaching.

                            De school heeft een aan de school verbonden leerkracht die, samen met de   groepsleerkracht, kinderen, die extra zorg nodig hebben, begeleidt.

 

IB                         interne begeleiding.

De interne begeleider bewaakt de doorgaande lijn in het onderwijs. Onderwijsinhoudelijke zaken worden ingebracht en geëvalueerd. Observaties kunnen worden gedaan mbt leerling- en leerkrachtgedrag.

 

LIO                      Leerkracht in opleiding

Studenten van de PABO die in hun afstudeerjaar zijn, kunnen LIO-stage doen in het basisonderwijs. Zij worden door de leerkracht van een groep intensief begeleid, zodat zij een deel van de week zo'n groep zelfstandig kunnen lesgeven.

 

 

LWOO                 Leerwegondersteunend onderwijs. In het voortgezet onderwijs is er de mogelijkheid extra faciliteiten aan te wenden voor meer individuele begeleiding voor leerlingen met leerproblemen.

 

 

PABO                  Pedagogische Academie Basis Onderwijs

                            Het opleidingsinstituut dat studenten opleidt tot leraar basisonderwijs.

 

 

PCL                     Permanente commissie leerling-zorg

De commissie geeft op verzoek van het ZBC (zorgbreedtecentrum) in samenwerking met school en ouders een bindend advies over plaatsing / verplaatsing / verwijzing van leerlingen die op de eigen school niet meer "vooruit" geholpen kunnen worden.

 

PDO                     Pedagogisch didactisch onderzoek.

De IRT-er doet dit onderzoek en kijkt daarbij waar het leerprobleem zit en welke oplossingsmethode gehanteerd kan worden.

 

 

WSNS                  Weer samen naar school.

Iedereen hoort hierbij. Daar waar het mogelijk is zullen ook de kinderen met leer- en of gedragsproblemen hun plaats in de reguliere basisschool hebben.

Alleen als de PCL besluit tot verwijzing naar een speciale basisschool gaan kinderen naar wat we vroeger noemden "het speciaal onderwijs".

 

 

 

 

Inhoudsopgave

                                                                           pagina

Hoofdstuk 1          Onderwijs op De Rank

1.1                        visie                                           3

1.2                        sfeer                                          3

1.3                        groepen en team                          3

1.4                        lesonderdelen( de vakken)   4

1.5                        speciale voorzieningen                10

1.6                        pesten en no blame                    10

1.7                        buitenschoolse activiteiten 10

 

Hoofdstuk 2          Zorgstructuur

2.1                        toelating                                    11

2.2                        welke zorg wordt geleverd          12

2.3                        taakverdeling                    14

2.4                        overgaan of zittenblijven             16

2.5                        overgang 1 naar 2 en 2 naar 3     17

2.6                        overgang naar het VO                17

2.7                        leraren en vervanging                 19

2.8                        relatie school/omgeving              20

2.9                        centrum voor jeugd en gezin       20

2.10                      stagiairs                                    21

                           

Hoofdstuk 3          Ouders en de school

3.1                        belang van betrokkenheid  21

3.2                        participatie bij activiteiten   23

3.3                        informatievoorziening                 23

3.4                        ouderbijdragen                           23

3.5                        buitenschoolse opvang               24

3.6                        verzekeringen                            24

3.7                        beeldopnamen                           26

 

Hoofdstuk 4          ontwikkelingen en resultaten

4.1                        verbetering van het onderwijs      27

4.2                        leerlingvolgsysteem                    28

4.3                        specifieke zorg                          28

4.4                        kwaliteitszorg                            29

 

Hoofdstuk 5          regels en verplichtingen

5.1                        schooltijden                               29

5.2                        verzuim en maatregelen              30

5.3                        vrij buiten de vakanties om          30

5.4                        schorsing en verwijdering  32

5.5                        klachtenregeling                         32

 

Hoofdstuk 6          allerlei

6.1                        eten en drinken                          33

6.2                        verjaardagen                    33

6.3                        vader/moederdag                       33

6.4                        halen en brengen                        34

6.5                        gevonden voorwerpen                34

6.6                        schoolfotograaf                         35     

6.7                        schoolzwemmen                        35

6.8                        verkeersexamen                         35

6.9                        schoolarts                                 35

6.10                      schoonmaak onderbouw             35

6.11      afscheid groep 8